geld

Schrijven over geld. Wil ik dat wel? Zodra mijn focus erop gericht wordt, merk ik namelijk direct een diep schuldgevoel bij mezelf. Mijn hoofd wil buigen, mijn ogen willen tranen en mijn hart wil moedeloos. Ik grijp naar mij en ik mis telkens. Precies dat; ik mis mezelf. En gevoelsmatig al eeuwen. Mijn handen trillen terwijl ik tik, alsof ik iets doe dat het logisch fatsoen rantsoeneert tot een bedelaar en zijn knapzak. De valse toon in een bijna perfecte symfonie. Maar wat heb ik dan gedaan, om me zo grenzeloos schuldig te moeten voelen? Als ik de vraag bekijk, wellen er nog zoveel meer op, discussies lang. Het land vol vragen, die zichzelf nooit zal dragen. En ik mag er niet in geboren worden. Het voelt alsof ik hier alleen mag zijn en erkend wordt als ik meega in een leven vol dood. Dat is normaal; de norm. En ik?

Het heeft gemaakt dat ik liever niet meer bij dat mislukte gevoel kwam, want zo werd het voor mij vertaald, en in een achteloos moment zo de schatkaart heb weggegooid. Geld leek niet aan mij besteedt. Het herinnerde mij aan een doelloze focus, die van de eenzame pijn vol onvermogen en een dood als slot. Maar het breken of gebroken worden, de grote oorlog die constant tikt en zich verward met mijn hartenklop, ik ben die zucht zo zat en zat van de lucht. Het lijkt een soort mythische verslaving die me niet helder laat nadenken, gedicteerd door andermans verleden. Ik besef me ook dat de vele gradaties die mensen toekennen aan denken en de beloning voor het volgen van het gestuurde pad inclusief cv, het gevolg is van zo eenzelfde weggooimoment. De geest van de schat verloren, een lichaam rijker. Uiteraard één om aan te verliezen, al is het maar om dat moment van verlies bevestigd te krijgen. Misschien moest ik hem wel op voorhand inleveren en zonder dat ik mij er bewust van was. Ik denk het wel eigenlijk en ook dat ik nog snel een stevig sliertje eigen wijsheid heb verstopt onder mijn huid.

Het heeft gemaakt dat ik me suf gestoeid heb met en al dat wat aards scheen, tot ik zo even besloot de strijd op te geven en voor mijn hart te gaan staan. Want dat zogenoemde al, dat was helemaal niet een afspiegeling van alles, de aarde kent mijn gevoel voor ronding net zo goed en ik ken een grootsere waarde dan enkel de basis aarde. Voor het eerst voel ik een uitzicht richting vrij. Echt! Hoe ongekend, daar de mens mijn situatie beschrijft als een afgekeurde. En dat was nu precies de kern van mijn weigering tot meedoen. Het zogenaamde aardse wedstrijdelement, de ultieme label van keuring. Als ik een dier was ging ik nu richting het afvoerputje en als ik boom was kreeg ik kruis. Want zoals vlees gemanipuleerd, gekeurd, gewogen, herverdeeld, en gemerkt wordt, is ze gevangen in een totaalsysteem, beroofd van haar eigenlijke naam, haar kracht. Zo ook de groene natuur, gescheiden van de mens middels volle overname. En de mens?

Elk systeem kent zijn achilleshiel die op een plek tevoorschijn komt, die je eerder over het hoofd zag vanuit een hoofdelijke omhooggevallen positie van macht. En wie merkt het op, als het systeem zichzelf niet als één ziet? Je kunt voor mij niet als deelnemer consumeren in de uiteenval en tegelijkertijd helder zijn. Je kunt ook niet los zijn van leven, omgeacht de vorm. Leven is leven. Het systeem scheidt ons weten, onze oerintuïtie, ons gevoel voor samen tot voorbij de dood. Het geeft ons de verdeeldheid van een ik versus wij en amen. Het geeft ons MENS als in Mijn Eindigheid Niet Storen. De stem die MENS vertegenwoordigt als in Mijn Eeuwigheid Natuurlijk Schijnen is nagenoeg compleet onderdrukt. We sterven onherroepelijk uit in de geest, als we aan de angst blijven vasthouden als zijnde ons enige uitgangspunt. Als we de programma’s die ons hierin sturen blijven geloven, overschrijft het opnieuw en opnieuw onze creativiteit en stuurt daarmee ons aardse uitzicht richting onaarde.

De enige manier voor mij om mijn connectie met geld te herstellen, is te gaan leven en bewegen vanuit eenheid, met mijn stem die groots en voluit spreekt en armen die groots delen van wat mijn hart vertelt aan mogelijkheden. Om zoiets als geld te gronden en te transformeren is de ziel als uitgangspunt nodig, een samengaan van het zogenaamde ik en wij. Geld als doel hebben om onszelf (erin) te verliezen, het is ons matrixgewijs ingevoegd. Het zendt ons constant signalen via liedjes, pillen, boeken, je kunt het zo gek niet bedenken, om bij die les te blijven en in de stressvolle strijd tot we ons een robot wegen. Ten diepste wordt geld tot wortel van het kwaad beticht. Dat is nu juist de afleiding; het kwaad kan helemaal niet wortelen. Daar zijn wij hartelijke mensen voor nodig, met emoties. Kortom; het geld als middel tot overvloed mag geen echte vriend worden, niet met ons mee gronden. Want dan is het gedaan met winstbejag en de macht. Gestuurde intelligentie maakt de vrije wil kapot, onze eenheidsgevoelens ten opzichte van elkaar en onze vooruitgang. Het maakt dat er zoiets bestaat als verheven en gespleten wetenschap die vecht tegen zijn eigen spirituele onwetenschap en de ultrarijken die aan hun touwtjes trekken en dan de onmens die daar weer aan trekt.

Het zit in de mens, zei iemand me laatst, de verzamelwoede en het wegkijken. Mijn oorspronkelijke aard is vredig, was mijn antwoord. Ik blijf het zeggen. Hebzucht lijkt aangeboren, maar voor mij ziet het eruit als aangeleerd, door ieder een verleden voor ogen te houden en blijvend in de verhalen te laten geloven. Ook daar is een prima systeem voor bedacht; gestuurd onderwijs als verplichting heeft weinig met de oorsprong te maken.


Op een besluit volgt vaak een doorkijk. Bij mij in ieder geval wel. En ik kreeg deze volle doorkijk op het moment dat ik naast iemand zat wiens energie me een pure vredige aard spiegelde. Zoals ik al eerder schreef over een oorspronkelijke staat van zijn die ons, als we ons verbinden met al, groot doet weten, precies dat kon ik tot in de kern voelen op dat moment, onder een grote laag verdriet. Het maakte dat ik ter plekke een ongekende uitlijning voelde in mijzelf. Oorsprong op zijn best maakte me kort erna nog iets duidelijk; ik had geen gat in mijn hand, maar in mijn hart en wel achterin.

De diepste waarneming voel ik op een punt midden achterin mijn hoofd en op diezelfde plek ook in mijn hart. Die diepste focus liet me zien dat wat ik lichaam noem, groter is dan ik denk dat het is. Als ik aanhoudend blijf kijken naar wat ik mijzelf noem zie ik een nauwelijks waarneembare spleet aan de achterkant van het hart. Het wordt groter als ik ernaar kijk, vervormt zich tot een oog en bedekt zichzelf met tralies. Van die ijzeren ronde dikke staven, waar koper, goud en zilver in vermengd lijken. Dit lijkt enkel verdriet der vergetelheid, maar als ik nog eens goed kijk is het een projectie, die zichzelf via een soort elektriciteitscircuit in stand houdt. Een beeld dat constant schaamte oproept van mislukking en onvermogen en die mijn blik op de zogenaamde aardse chaos (verleden) houdt en niet galactisch (toekomst) naar buiten. Met als doel me te ontrekken van geld en zijn stromen, zodat ik in diezelfde harteloze frequentie zou blijven worstelen ( nooit nu.) Als in een ruw aan- en afstoten spel vanuit overleven, die mij en anderen zoveel harder vormden dan nodig en waarin de aasgieren hun gang konden gaan. Want ik keek niet of weg, als een soort van waarheidszoeker die nooit vindt.

Ik zag het mezelf doen, de hypnose volgen. De verbijstering. Hoe kan ik die beschrijven? Ik ben de verhalen zo zat en trek de stekker uit het circuit- uit!- en luister naar de emoties die allemaal tegelijk hun woordenloze verhaal willen doen. En ik laat hen, want dit keer laat ik me niet meer meetrekken in schuld noch schaamte. Dat spel heb ik al eens gespeeld. Het is net alsof er groot licht aangaat in dit besef, op de plek van het gat. De tralies zijn verdwenen. Mijn blik reikt me een diepere waarneming aan dan ooit, één die gewoonweg niet te kooien noch te benoemen valt. Misschien omdat het ver voorbij de discutabele vorm, die wij bewustzijn pogen te noemen, gaat en praat. Het is tijd om mijn eigen toon, mijn geluid en mijn kleur van vrede, dat wat mij raakt, heel liefelijk te tonen en al het getruukte erin te laten verdwijnen.

De trilling van het authentieke, het echte dat ons terugbrengt naar herinneringen vol kind en verder dan wijs. Beschavingen ver. Een tijd waarin wij elkaar gelijkelijk belonen en wezenrijk verrijken. Het verleden losgelaten, om echt samen te willen wonen. We zullen het nu noemen en ons handelen de echte waarde. En misschien, als we met velen vandaag voluit onze eigen taal gaan spreken, en niet louter kopiëren of delen van andermans verhalen, hoe mooi ook, ja misschien dan noemen we die plek nog aarde.

Moniek van Pelt

Noot; Het bereiken van een kritische massa voor de omslag der trilling
is niet het blijven geven van kritiek op ieder ander die nog niet, of te weinig, of misschien wel nooit
dan blijft ieder wederom steken in het verhaal over verschillen tussen hoofd en hart
het is  voor mij de vrede voor het volle leven en de weg ernaartoe uitspreken, tekenen, dansen, zingen
verliefd worden op je eigen blik
het vallen omarmen in het opstaan
vol hartelijk verstand

© Moniek van Pelt

deel dit verhaal gerust: :

nieuwsbrief ontvangen:

Versturen

als leven groots is,
dan heeft het
grootse ogen nodig
en een groots hart
om haar omvang te dragen
omarmen
zonder
alles
te willen omvatten
en weten
zonder alles
te hoeven begrijpen



website 2017

powered by Blockwise
design, tekst en beeld@ Moniek




deel met mij op social media
;
instagram:@moniekvanpelt_art